Tussen winter en lente
- 6 jan
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 7 jan
Waarom januari geen begin is
De cyclus van de seizoenen weerspiegelt de opkomst en ondergang
van een mensenleven.
Het jaar wordt geboren bij de lente-equinox, wanneer de eerste bloemen bloeien en de vogels terugkeren. Alles groeit, paart en danst door de lente, viert zijn hoogtepunt van overvloed tijdens de zomerzonnewende, wordt wijs in de herfst, en keert zich vervolgens naar binnen ter voorbereiding op de winter. Op de langste nacht van het jaar, de donkerste van alle nachten, blaast het jaar zijn laatste kaars uit en sterft.
Door dit patroon te erkennen en te vieren, kunnen we elke herfst wijzer worden en elke lente opnieuw tot leven komen. We stijgen en dalen zoals de seizoenen; ooit zullen we dalen en niet meer opstaan, maar iemand anders zal dat wel doen ā onze kinderen, kleinkinderen, de volgende generatie ā en zo blijft de cyclus in beweging.
Als de lente-equinox het moment van geboorte en nieuw leven is, waarom vieren we dan nieuwjaar in het hart van de winter?
Januari is geen tijd voor een nieuw begin.
Het is geen tijd voor initiatief of een nieuwe bladzijde om te slaan. Het is zelfs geen fijne tijd voor een feest: te donker, te koud.
Dit is de tijd om te overwinteren, om niets te veranderen, om op koers te blijven, te overleven, stoofpot te eten, te knuffelen en te slapen.
Zoals bijna alle oude kalenders begon ook de eerste Romeinse kalender bij de lente-equinox (ongeveer 21 maart). De eerste vier maanden waren vernoemd naar goden (Martius, Aprilis, Maius, Junius) en de volgende zes waren genummerd (Quintilis, Sextilis, September, October, November, December). Deze kalender van tien maanden, toegeschreven aan Romulus, telde 304 dagen. De periode van 61 dagen midden in de winter had geen naam, werd niet geteld, en de wereld was stil. Vaak werd deze kalenderleemte gevuld met voorouderverering of rituelen om epidemieƫn en misoogsten af te wenden. De Romeinen offerden geiten en honden, reinigden hun huizen met zout en ontstaken vreugdevuren in de donkere straten.
De koning Numa Pompilius (715ā673 v.Chr.) besloot een einde te maken aan deze rituelen. Hij voegde twee maanden toe aan de kalender: JanuariusĀ (naar Janus, de god van het begin) en FebruariusĀ (āreinigen door offerā). Zo telde de kalender voortaan 355 dagen en werd januari het begin van het jaar. Toch bleef men nieuwjaar vieren bij de lente-equinox, nog zes eeuwen lang.
In die zes eeuwen breidde Rome zich uit over het Middellandse Zeegebied en een groot deel van het Midden-Oosten. Het bestuur en de belastingen vereisten een kalender die jaarlijks terugkeerde. De maankalender van Numa liep echter uit de pas met het zonnejaar van 365 dagen, waardoor landbouwproblemen ontstonden. Julius Caesar schakelde astronoom Sosigenes in om de kalender te repareren. Het resultaat: het Lange JaarĀ (46 v.Chr., 455 dagen) en het daaropvolgende jaar (45 v.Chr.) begon op 1 januari met 365 dagen en 6 uur.
Zelfs met de Juliaanse kalender bleef 1 januari vaak genegeerd als nieuwjaarsdag. Men bleef vieren op de lente-equinox, zoals altijd: wanneer de dagen langer werden, scheuten uit de grond kwamen, dieren paarden, en mensen elkaar betekenisvol begonnen aan te kijken. Tijdens de kerstening van Europa werd het begin van het kerkelijk jaar eveneens midden maart gelegd, op de lente-equinox, vaak gekoppeld aan het Feest van de Aankondiging.
Het debat over 1 januari bleef eeuwen voortduren, tot paus Gregorius XIII in 1582 definitief het Gregoriaanse kalenderjaarĀ invoerde. Europese landen pasten dit op verschillende momenten toe; pas in de 18e eeuw werd 1 januari wereldwijd als begin van het jaar erkend. Andere kalenders bleven daarnaast bestaan, zoals de Chinese lunisolarkalender en de Jalali-kalender in Iran en Afghanistan, die met de lente-equinox begint (Nowruz).
Januari, genoemd naar Janus, de god van poorten en overgangen, heeft twee gezichten: één naar het verleden, één naar de toekomst.
Januari is de poort. Nog niet doorlopen. Nog even stilstaan.
Rust is geen uitstel. Rust is voorbereiding.
En wanneer de lente nadert en het lichaam weer wil bewegen, dan is dƔt het moment voor een nieuwe start.
Van 13ā17 maart begeleid ik een vastenretraiteĀ ā een zachte overgang van winter naar lente.
Voor nu eerst rust. Dan beweging. Op het juiste moment.
Laat me weten als ik iets voor je kan betekenen in die zachte overgang van winter naar lente.
Bronnen & inspiratie
Kalenders & geschiedenis
Encyclopaedia Britannica. Roman, Julian and Gregorian Calendar.
Hannah, R. (2005). Greek and Roman Calendars: Constructions of Time in the Classical World. Duckworth.
Richards, E. G. (1998). Mapping Time: The Calendar and Its History. Oxford University Press.
Romeinse kalender & Janus
Ovidius. Fasti.
Beard, M., North, J., & Price, S. (1998). Religions of Rome. Cambridge University Press.
Encyclopaedia Britannica. Janus (Roman god).
Numa Pompilius & Julius Caesar
Plutarchus. Lives: Numa; Lives: Caesar.
Encyclopaedia Britannica. Numa Pompilius.
Encyclopaedia Britannica. Sosigenes of Alexandria.
Equinox & seizoensritme
McCluskey, S. C. (1998). Astronomies and Cultures in Early Medieval Europe. Cambridge University Press.
Eliade, M. (1954). The Myth of the Eternal Return. Princeton University Press.(voor het cyclische tijdsbesef)
Jalali-kalender & Nowruz
Encyclopaedia Britannica. Nowruz.
Birashk, A. (1993). Calendars. Iran University Press.
UNESCO. Nowruz, Intangible Cultural Heritage of Humanity.


